POH-GGZ: de opmars van een pas dertien jaar oude functie

POH-GGZ: de voorzitter van de Landelijke Vereniging POH-GGZ vertelt over de successen en ambities. Een interview met Kawa al Ali.

De pas dertien jaar oude functie van poh-ggz is zó bekend onder patiënten, zorgverleners en professionals in het sociaal domein, dat de werkdruk ook behoorlijk hoog is. Dat kan de inhoudelijke ontwikkeling belemmeren. “Ik zou bijvoorbeeld graag zien dat we nog meer aandacht besteden aan preventie”, zegt Kawa al Ali, voorzitter van de Landelijke Vereniging POH-GGZ.

 

Verwijzing voorkomen

Sinds de poh-ggz per 2008 deels in het basispakket werd opgenomen, is de bekendheid van de functie gegroeid en de drempel tot ggz verlaagd. “De NZa en het ministerie van VWS stelden destijds vast dat mensen met ggz-problematiek vanuit de huisartsenpraktijk niet altijd naar de juiste plek werden doorverwezen”, zegt Al Ali. “De huisarts is nu eenmaal een generalist. Er was behoefte aan een ggz-generalist in de huisartsenpraktijk. Huisartsen konden weliswaar een beroep doen op een sociaal psychiatrisch verpleegkundige, maar met de poh-ggz kwam een opvolger die bijvoorbeeld een nadrukkelijkere positionering in de eerste lijn kreeg. Een opvolger die de huisarts niet alleen ondersteunt met de verwijzing naar de juiste professional, maar die ook verwijzingen kan voorkomen door laagdrempelige zorg te bieden in de huisartsenpraktijk.”

 

Tijdelijke overbrugging

Welke balans kan anno 2021 worden opgemaakt? Al Ali: “Veel patiënten met lichte ggz-problematiek krijgen nu inderdaad zorg op de juiste plek: in de huisartsenpraktijk bij hen in de buurt. Met het ontstaan van de functie van poh-ggz is ook de behoefte eraan gegroeid. Tegelijkertijd zien we dat poh’s-ggz soms eveneens zorg verlenen aan mensen die specialistische ggz nodig hebben, simpelweg omdat er wachtlijsten zijn in de sggz. De poh-ggz zorgt dan voor de tijdelijke overbrugging tot het moment dat de cliënt naar de sggz kan. De consequentie van dit alles is dat er ook wachtlijsten kunnen ontstaan in de eerste lijn en dat veel poh’s-ggz een hoge werkdruk ervaren.”

 

POH-GGZ

Die druk heeft er volgens Al Ali toe geleid dat de functie in bepaalde opzichten nog “in de kinderschoenen” staat. Er is niet altijd voldoende ruimte voor inhoudelijke ontwikkeling. Hij zegt: “Het mooie van de huisarts is dat mensen met bijvoorbeeld psychische of psychosomatische klachten al vroeg in beeld kunnen komen. Op dat moment is vaak veel winst te behalen met preventie. Ik zou daarom graag willen dat nóg meer mensen in dat stadium de poh-ggz zien en dat de poh-ggz een nog breder pallet aan preventieve interventiemethodes heeft; dat dus meer interventies worden ontwikkeld. Dit is moelijker te realiseren wanneer de poh-ggz het altijd heel druk heeft.”

Download hier het volledige artikel

Bron: De Eerstelijns

Deel dit bericht

Gerelateerd nieuws

Financiële problemen zijn een bron van psychische, sociale en lichamelijke sores. De eerste lijn...

Door de wachtlijsten in de gespecialiseerde zorg ontstaat er een stuwmeer in de eerstelijnszorg....

Via Welzijn op Recept kunnen huisartsen Amsterdammers met psychosociale problemen verwijzen naar...