Brochure over waarde positieve psychologie voor zelfmanagement

In de brochure ‘Mens bovenal’ wordt op toegankelijke wijze de waarde van de positieve psychologie voor zelfmanagement bij chronische lichamelijke aandoeningen beschreven. De interventies die gebaseerd zijn op deze relatief nieuwe denkrichting in de psychologie, kunnen bijdragen aan een betere balans tussen kwetsbaarheid en kracht. De brochure is gebaseerd op de kennissynthese die de Universiteit Twente schreef in opdracht van ZonMw. 

Uit onderzoek naar zelfmanagement door mensen met chronische lichamelijke aandoeningen blijkt dat met name de fysieke aspecten ervan aandacht krijgen. Maar deze mensen hebben vaak ook te kampen met mentale en sociale aspecten van het leven met zo’n aandoening. ZonMw gaf de Universiteit Twente de opdracht om een kennissynthese uit te voeren naar de toegevoegde waarde die de positieve psychologie kan bieden bij zelfmanagement. 

Positieve psychologie sluit aan bij bredere kijk op gezondheid

Positieve psychologie is een relatief nieuwe denkrichting in de psychologie die op zoek gaat naar de condities waaronder mensen, privé of op het werk, tot bloei kunnen komen, talenten kunnen benutten en nieuwe bronnen van kracht en veerkracht kunnen aanboren. Deze sluit goed aan bij de bredere kijk op gezondheid, die ZonMw omarmt. 

Interventies hebben meerwaarde voor zelfmanagement

Interventies die gebaseerd zijn op de positieve psychologie (PPI’s) kunnen van meerwaarde zijn voor zelfmanagement bij mensen met chronische lichamelijke aandoeningen, blijkt uit de kennissynthese. Ze kunnen bijdragen aan het vinden van een betere balans tussen ‘kwetsbaarheid’ en ‘kracht’. De wetenschappelijke onderbouwing en de verdere vertaling van de beschikbare kennis naar handelingsperspectieven voor zorgprofessionals en patiënten vraagt om verdere uitwerking en draagvlak. 

Verder in gesprek

De komende periode gaan de onderzoekers van de Universiteit Twente en ZonMw in gesprek over de inhoud van de brochure met Iederin en Patiëntenfederatie Nederland en het werkveld van onderzoekers en zorgprofessionals.

Bron: ZorgenZ