Als wijk-GGD’er moet je buiten de lijntjes durven kleuren

Foto: Wijk-GGD’er Paul Keppel ontfermt zich over de mensen die tussen wal en schip vallen. 

Jaren lang zwierf ze door Nederland. Met alleen een paar tassen. Ze had geen vaste verblijfplaats, laat staan de mogelijkheid om zich te verzorgen. Waar zij kwam, deinsden de mensen terug; zo erg was de stank. Hulpverleners in Utrecht, Rotterdam, Amsterdam; allemaal hadden ze een dossier waarin haar zorgwekkende toestand stond beschreven. Maar wat kun je als iemand geen hulp wil?

Haar familie kon haar traceren en trok uiteindelijk aan de bel bij collega’s van Schiphol Social Work. Paul Keppel, wijk GGD’er op Schiphol, werkt nauw samen met collega’s van Schiphol Social work. Samen met hen ontfermde hij zich over deze vrouw en kon passende zorg regelen. Dat lukt hem voor meer dan 80% van zijn cliënten. Maar de weg er naartoe is niet zonder hobbels.

Sinds 2018 is Keppel werkzaam als wijk-GGD’er voor de gemeente Haarlemmermeer. Hij is de contactpersoon voor Schiphol. Zijn loopbaan begon als psychiatrisch verpleegkundige, maatschappelijk werker/GGZ agoog en vanaf 1994 werkt hij bij GGZinGeest.

 

Complexe gevallen voor wijk-GGD’er

Het is duidelijk: hoe complexer de situatie, hoe liever Keppel zijn tanden er in zet. “De mensen waar de reguliere hulpverlening geen vat op krijgt en die na screening geen oplossing kan bieden, komen bij mij. Het zijn mannen en vrouwen die tussen wal en schip vallen.” Het zijn volgens Keppel vaak mensen die alle contact mijden, met ernstige psychische problemen en die overlast veroorzaken voor hun omgeving. Die vaak al heel lang, soms zelfs al hun hele leven, op deze manier leven. Ze hebben meestal geen geld, geen verzekering, geen vaste verblijfplaats en geen toegang tot reguliere voorzieningen.”

 

Betere speurwerk

“Mobiel en flexibel zijn, zijn belangrijke vereisten in mijn functie. Vaak moet ik op zoek naar deze mensen én ik moet ze kunnen blijven volgen.” Daar komt – zo blijkt - ook een behoorlijke dosis creativiteit bij kijken. “Als ik een cliënt niet vind en weet dat deze bewindvoering heeft, dan vraag ik de familie toestemming om even geen leefgeld te laten overmaken. Meestal komt de persoon dan vanzelf in beeld.” Keppel is ook niet te beroerd om bij nacht en ontij te werken. “Als het moet sta ik om vijf uur ‘s ochtends voor de deur. Het is soms het betere speurwerk dat het verschil maakt.”

 

Snel schakelen

Omdat Keppel overal in Nederland en soms ook daarbuiten komt – hij komt ook wel eens in Duitsland, Polen en België - heeft hij overal zijn contacten. De relaties met zorg- en veiligheidsprofessionals in het land zijn het fundament voor zijn werk. “De NS, de politie, Schiphol Social Work; ze weten mij allemaal te bereiken. Ik heb mijn werktelefoon 24/7 aan staan en als het écht nodig is in een casus ben ik bereikbaar. Dat moet dan ook om snel te kunnen schakelen en het verschil te maken.”

Maar zijn netwerk ontstond niet van de een op andere dag en heeft voortdurend onderhoud nodig. Een groot deel van zijn fulltime baan gaat dan ook op aan het investeren in deze relaties. “Heb ik eenmaal iemand te pakken die er echt voor wil gaan, dan blijf ik in dit contact investeren. Want goede contacten zijn essentieel, ik kan zelf onmogelijk alles signaleren.”

 

Heldere afspraken

Vanzelfsprekend heeft Keppel net als elke andere professional te maken met privacywetgeving. Om de privacy van zijn cliënten te waarborgen vindt de communicatie met ketenpartners zoveel mogelijk mondeling plaats en op basis van need to know. “Ik probeer zo min mogelijk te mailen en heb het liefst face-to-face contact. Maar dat kan natuurlijk niet altijd. Sommige zaken moeten gewoon worden vastgelegd. Ik ben verbonden aan GGZinGeest en van deze doelgroep heb ik dossiers opgesteld om de voortgang te waarborgen. De crisisdienst moet ’s nachts immers ook kunnen achterhalen met wie ze van doen hebben en wat iemands historie is.” Bij convenanten blijft Keppel het liefst zo veel mogelijk uit de buurt. “Het gaat mij om goede afspraken op de werkvloer, zoals met de wijkagent.”

 

Opbrengst

Omdat niet alle personen vrijwillige hulp accepteren, is soms hulp van de rechter nodig. “Ik moet wel eens een machtiging aanvragen om een doorbraak te forceren. Zoals bij een persoon die al 70 jaar een ware meesteroplichter was. Dat is op zo’n moment voor de persoon in kwestie natuurlijk erg ingrijpend. Maar als je dan ziet hoe hij uiteindelijk in een instelling weer een menswaardig leven heeft en zelfs weer contact heeft met zijn zoon, dan weet je dat je de goede beslissing hebt genomen. Hoe dit met de wet verplichte GGZ gaat lopen is op dit moment nog onduidelijk.”

 

Buiten de lijntjes kleuren

De kern van het succes voor een wijk-GGD’er zit volgens Keppel in het zicht houden op de cliënt. Want pas als je dat echt goed hebt, kun je grip houden op de problematiek. En de juiste afwegingen maken. Zijn tip aan andere wijk-GGD’ers is dan ook om betrokken te blijven. En heel belangrijk: de regie te nemen. “Je moet de grenzen opzoeken, er misschien zelfs wel eens overheen gaan. Dat is inherent aan deze rol: je moet buiten de lijntjes durven kleuren.”

 

     
 

Subsidie - Implementatie wijk-GGD'er

Een wijk-GGD’er blijkt in de praktijk een uitstekende verbindingsofficier tussen zorg en veiligheid in de gemeente. Wil je een wijk-GGD’er aanstellen in jouw gemeente? Vraag vóór 24 maart, 14.00 uur subsidie aan.
lees hier hoe - 

 
     

 

Bron: ZonMw

 

Gerelateerd nieuws

Door de wachtlijsten in de gespecialiseerde zorg ontstaat er een stuwmeer in de eerstelijnszorg....

Via Welzijn op Recept kunnen huisartsen Amsterdammers met psychosociale problemen verwijzen naar...