Keuzehulp bij afweging voor inzet poh-jeugd

Gemeenten spelen de hoofdrol in het organiseren en financieren van jeugdhulp. Zij zoeken daarbij steeds vaker de huisartsen op als belangrijke partner. Er zijn zeker goede voorbeelden van de inzet van een praktijkondersteuner jeugd in de huisartsenpraktijk, maar dit is geen verplichting. De LHV heeft een keuzehulp opgesteld voor huisartsen die overwegen om zorg voor de jeugd in hun praktijk te organiseren. Past een poh-jeugd in het aanbod en wat zijn de consequenties? 

Ondersteuning van de zorg voor de jeugd vanuit de huisartsenpraktijk wordt op verschillende manieren ingevuld. Zoals: de praktijkondersteuner (poh) jeugd, jeugdconsulent of ondersteuner jeugd.Er is geen eenduidige formulering van wat elke term behelst en welke verantwoordelijkheden/ werkzaamheden horen bij welke functie) en de termen worden ook niet eenduidig gebruikt 

Inzicht in kansen en risico’s

In de keuzehulp staan overzichtelijk de kansen en risico’s van de inzet van een poh-jeugd. Deze gaan onder meer in op de medische verantwoordelijkheid, financiële verantwoordelijkheid en informatie-uitwisseling. Het is van groot belang dat een huisarts eerst zelf bedenkt wat hij in zijn praktijk wil aanbieden: het basisaanbod huisartsenzorg of daarnaast ook extra aanbod. 

Zorgvuldige afweging

In plaats van het zelf organiseren van extra zorg voor de jeugd, met alle bijbehorende verantwoordelijkheden, is het ook een optie om als huisarts te investeren in de samenwerking met de gemeente en de jeugdhulpaanbieders, waaronder de jeugdarts. Een medewerker van de gemeente, die voor de huisarts optreedt als contactpersoon en verbinding met het wijkteam, kan ook goed werken. Voor een zorgvuldige afweging heeft de LHV enkele adviezen op een rij gezet met daarbij een uitgebreide, praktische keuzehulp, waarin alle aspecten aan bod komen. 

Bron: ZorgenZ