Anbo-voorvrouw: ‘Juiste zorg op juiste plek is vaak geen zorg’

'Willen we een samenleving creëren waarin mensen prettig oud kunnen worden, dan begint dit met het zorgen dat mensen tot aan het einde van hun leven mee kunnen blijven doen. Een sociaal netwerk en het behoud van een doel in het leven zijn belangrijk voor het welbevinden, net zo goed als de mate waarin mensen zelfstandig kunnen beslissen over de invulling van hun leven. Er moet dus geïnvesteerd worden in wijken als leefgemeenschap en in woonconcepten waarmee zelfstandigheid wordt bevorderd, het sociale netwerk wordt uitgebreid en eenzaamheid wordt bestreden. Hierdoor zal de kwaliteit van leven omhoog gaan en zullen de kosten voor zorg uitgesteld of teruggedrongen worden.’

Dat schrijft ANBO-bestuurder Liane den Haan in de nieuwste uitgave van Zorg in de buurt van zorgnetwerkorganisatie Coincide. In haar essay stipt ze een probleem aan, namelijk het hiaat dat er is tussen mensen die eigenlijk niet goed meer zelfstandig thuis kunnen wonen, maar nog te goed zijn voor het verpleeghuis. ‘Signalen van dit hiaat in het zorgaanbod zien we door een toenemend beroep op de huisarts, meer valincidenten, onder andere veroorzaakt door medicijngebruik, meer ziekenhuisopnames en ook meer crisisopnames in de verpleeghuizen. Ik betoog dat er een wereld te winnen is als we het gat tussen ‘thuis’ en het verpleeghuis met nieuwe woonconcepten kunnen dichten.’

Sleutel ligt bij wonen en wijken

Haar pleidooi: er wordt bij het ouder worden te veel gepraat over zorg, terwijl welzijn centraal moet zijn. Kwaliteit van leven is veel meer afhankelijk van een goede woning, gezelligheid, voorzieningen en een goede buurt, dan van zorg. ‘De vraag hoe we onze samenleving inrichten op een snel vergrijzende bevolking, vereist vele en vooral complexe oplossingen. Wanneer beleidsmakers het aandurven om écht op zoek te gaan naar oplossingen, dan durf ik te zeggen dat de sleutel bij wonen en wijken ligt. De juiste zorg op de juiste plek is vaak geen zorg.’

Nieuwe woonvormen

Er moet volgens Den Haan meer structureel zicht zijn op gemeenteniveau over zorgvraag, het aantal geschikte woningen en over sociale veiligheid. Op basis daarvan moeten gemeenten, woningcorporaties, zorgorganisaties, ondernemers én particulieren aan de slag kunnen met nieuwe woonvormen in combinatie met de inrichting van de wijken. Soms kleine initiatieven, soms wat groter. Soms gericht op gezamenlijk wonen of hofjeswonen, soms meer gericht op zelfstandigheid. Maar wel toekomstbestendig: niet te groot, gelijkvloers, met domotica en technische ondersteuning, met mogelijkheden om ook te blijven wonen als er beperkingen optreden of als er zorg nodig is.

Gemeenten moeten aan de slag

De inrichting van naoorlogse buurten en wijken is niet afgestemd op een ouder wordende bevolking, schrijft Den Haan. En het aantal initiatieven dat zich wél richt op ouder worden binnen een sociale omgeving en een leuke, goed ingerichte wijk, is zó populair, dat er al snel wachtlijsten ontstaan. Gemeenten moeten aan de slag. ‘Samenwerking tussen marktpartijen, financiers en gemeenten is nodig en dit gaat niet vanzelf. Wij hebben minister De Jonge eerder opgeroepen de vrijblijvendheid waarmee gemeenten dit aanpakken een halt toe te roepen. Het is tijd voor een dwingende opdracht. Het ligt voor de hand dat de gemeenten deze rol op zich nemen, maar de tijd van afwachten is voorbij. Met elkaar moeten we onze huisvesting naar een hoger plan tillen, zodanig dat we prettig en gezond ouder kunnen worden, zonder vermijdbare en overbodige zorg’, schrijft Den Haan.

ZN: ook meer geschikte woningen voor ouderen

Onlangs vroeg Zorgverzekeraars Nederland (ZN) in een brief aan de Tweede Kamer aandacht voor meer samenhang in de ouderenzorg, meer ruimte voor verpleegzorg thuis en meer geschikte woningen voor ouderen. Het kabinet besteedt veel aandacht aan ouderenzorg en heeft daarvoor vele actieplannen en programma’s opgestart. Maar ZN stelt vast dat juist de versnippering en de veelheid aan betrokken zorgverleners en welzijnswerkers, verbeterprogramma’s, zorgloketten en financiële budgetten een punt van zorg is.

40.000 woningen niet geschikt voor ouderen

ZN stelt vast dat 40.000 ouderenhuishoudens wonen in een woning die niet geschikt is voor hun persoonlijke situatie. In het programma Langer Thuis noemt het kabinet verschillende acties om het aantal geschikte woningen voor ouderen te vermeerderen. ZN is benieuwd of de minister inmiddels een beeld heeft van de gemeenten die de ‘lokale opgave’ voor meer geschikte woningen voor ouderen in kaart hebben gebracht. Met de wetenschap dat het aantal ouderen in de wijk fors zal toenemen, neemt zonder snelle maatregelen ook het aantal ouderen in een ongeschikte woning toe.

Verpleegzorg thuis

Een geschikte woning heeft grote invloed op het welzijn en de kwaliteit van leven van de bewoner, maar ook op de kwaliteit en doelmatigheid van de zorg en ondersteuning. Een geschikte woonvorm helpt bijvoorbeeld bij valpreventie, het tegengaan van eenzaamheid, maar het biedt ook meer mogelijkheden voor verpleegzorg thuis. Zorgverzekeraars maken zich zorgen over het gebrek aan geschikte woningen voor ouderen. Het snel beschikbaar maken van voldoende geschikte woningen voor ouderen is essentieel voor de toegang en betaalbaarheid van goede en doelmatige zorg en ondersteuning.

Lees hier het essay

Bron: ZorgenZ