Netwerk Amsterdamse Logopedisten pakt wachtlijstproblemen aan

De vraag naar logopedie is groot. In Amsterdam is die vraag zelfs veel groter dan het aanbod. Dat leidt tot lange wachtlijsten, terwijl juist vroege behandeling belangrijk is. Kan die wachtlijst korter? Met die vraag zijn het Netwerk Amsterdamse Logopedisten (NAL) en Elaa samen aan de slag gegaan.

2025 09 23 floortje smits 2“Het is zo goed dat het NAL is opgericht”, benadrukt logopediste Floortje Smits ten eerste. “Elaa heeft daar sterk op aangedrongen en heeft daarbij ook ondersteuning geboden. Gelukkig maar, wat als netwerk zijn we een aanspreekbare partij voor stakeholders als de zorgverzekeraar en de gemeente. Met deze partijen kon ik namens de werkgroep Wachtlijst in gesprek. Dat lukt je als individuele logopediepraktijk niet. Samen sta je zoveel sterker. Dat heeft er zelfs toe geleid dat er inmiddels tijdelijke financiering is voor de aanpak van de wachtlijstproblematiek bij de logopedie. Daarmee konden we écht aan de slag, wat anders niet mogelijk was geweest. Ik vertel het nu snel, maar het was een lang proces.”

Aanpak wachtlijst

De aanpak van de wachtlijstproblematiek heeft voor het NAL hoge prioriteit. “De werkgroep wachtlijst heeft verschillende ideeën verkend die mogelijk kunnen leiden tot verkorting van de wachtlijst”, blikt Floortje terug. “Een daarvan was een pilot voor een gezamenlijk aanmeldpunt en triage voor logopedie. Zilveren Kruis was bereid daaraan mee te betalen. Helaas waren er te weinig deelnemende praktijken en de pilot is daarom on hold gezet.”

Jammer, maar dat betekende niet het eind, integendeel. “In de zoektocht naar triage zagen we bij sommige praktijken slimme oplossingen. Zoals een telefoniste die afspraken inplant en gegevens navraagt, of de inzet van digitale anamnese-lijsten. Zo kunnen we van elkaar leren. Want deze oplossingen zouden breder kunnen worden toegepast en zo kunnen bijdragen aan verkorting van de wachtlijst.”

Van ideeën naar actie

En er leefden onder de leden meer goede ideeën. Dit alles is verzameld in een longlist, die uiteraard moest worden teruggebracht tot een shortlist. Met ondersteuning van Elaa heeft het NAL daartoe een werksessie georganiseerd voor alle leden.

Floortje: “Daar hebben we gezamenlijk alle ideeën van de lijst besproken, met bijbehorende voor- en nadelen. Vervolgens is er met behulp van een stickermethode prioriteit aangebracht en zo kwam er een top drie tot stand waarmee we dit jaar aan de slag gaan.”

De drie uitkomsten zijn:

  1. Diverse bestaande, slimme werkafspraken verder inventariseren en uitwerken (zoals: triage, bloktherapie, enz.).
  2. Toolbox ‘Oudergericht samenwerken’- een training voor logopedisten met praktische tools om ouders actief te betrekken bij het behandelingsproces.
  3. Co-therapie voor naasten van cliënten met NAH (niet-aangeboren hersenletsel) om participatiegerichte doelen te behalen. Mogelijk toepasbaar voor meerdere doelgroepen.

Kracht van samenwerking

“Tegelijk moeten we monitoren hoe we de effecten van een aanpak op de wachtlijst kunnen meten”, stelt Floortje. “Elaa zal in samenwerking met het NAL kijken op welke wijze we die monitoring kunnen doen. Kortom: er is veel in gang gezet en we gaan de komende maanden aan de slag. Dat kan mede dankzij de tijdelijke financiering, want het is teveel werk om het naast je toch al drukke logopediepraktijk ‘erbij’ te doen. En dat is dus weer het concrete resultaat van de netwerkvorming van onze beroepsgroep in Amsterdam.”

Enthousiast: “Het NAL laat zien dat een netwerk écht verschil maakt. We zijn daarmee niet alleen een goed voorbeeld voor alle logopedisten, maar voor alle paramedische beroepen. Elke regio kent een eigen problematiek en mijn advies is dan ook: verenig je!”

 

Meer weten? Bel of mail met